Wijde-wereld-V-en-M.eu
logo for Wijde-wereld-V-en-M

Rondreis Egypte 2006
Egypte

7 maart

We vliegen terug naar Cairo. Op het vliegveld staat een agent van het bureau waar Kangarootravel mee samenwerkt te wachten. We kopen een visum (15 dollar pp) en met een taxi gaan we naar het door Ibrahim geregelde hotel. Voor 200 dollar wil hij ons wel naar de grens brengen. We vinden dat nogal veel en zeggen dat we hem wel zullen bellen als het nodig is. Van slapen komt deze nacht niet veel.

8 maart

Wat te doen? Een auto huren is niet te doen. Dat wordt veel te duur. Op advies van het meisje van Avis gaan we dan maar met de trein. Met de taxi naar het station en we kopen kaartjes voor een 1e klas reis naar Alexandrië. Dat kost ons 54 E pond (ongeveer 8 euro). Om 11 uur vertrekt de trein en in de 1e klas zitten we ruim. Echte zetels waar je wel 2 keer in kunt en veel beenruimte. Onze koffer en de band staan in een bagagedepot op de trein. We zien de achterkant van Cairo en dat is niet mis. Het lijkt wel een gebombardeerde stad. Om half twee arriveren we in Alexandrië en de dame van de Egyptische toeristendienst vertelt ons hoe we verder kunnen reizen naar Solum. Met de bus. Twee minuten vanaf de trein is het busstation. We kopen twee kaartjes en zijn nog eens 40 pond kwijt (6 euro). Daarvoor maken we dus een reis van 500 kilometer. We mogen onze bagage zolang laten staan in het kantoortje van een medewerker tot de bus vertrekt om half vier. We gaan een eindje lopen en eten onderweg in een “snackbar”. Twee shoarmabroodjes en twee broodjes beefburger. Dat voor het kapitale bedrag van € 1,50. We lopen terug naar het busstation en Vincent geeft de beambte 5 pond voor het bewaren van de bagage. Op de vraag waar de bus naar Solum vertrekt zegt hij: Sit down en we moeten blijven zitten tot de bus er is en dan stuurt hij iemand met ons mee naar de goede bus. Om half vier rijdt de bus weg. Eerst door Alexandrië en dan al snel over de snelweg. Elke 2 uur stopt de bus een kwartier bij een “wegrestaurant” en kun je eruit om wat te eten of te drinken. Verkopers van snoep etc. gaan rond in de bus om hun waren te slijten. De buschauffeur zet er flink de sokken in. Na een leuke en enerverende dag komen we om 11 uur aan in Solum. Een taxi brengt ons voor 5 pond naar het hotel. Kamer met douche en toilet. Met 2 tweepersoonsbedden. De kwaliteit van het bed is niet alles, maar met 2 matrassen op elkaar en een extra deken slapen we heerlijk.

9 maart

Een ontbijt wordt eigenlijk niet geserveerd, maar op verzoek kan het toch. Het personeel zwermt uit naar allerlei winkeltjes en we eten een lekkere omelet, met brood. Er is zelfs jam en kaas en een lekker kopje koffie. We betalen voor deze nacht 100 pond. We lopen het dorp rond en kopen postzegels. Vlak bij het hotel ligt een oorlogskerkhof van de commonwealth. Het hek is dichtgemaakt met een elastiek, maar de beheerder komt aangesneld en laat ons binnen. Het kerkhof ligt er keurig bij. Binnen tekenen we nog in het boek en gaan terug. We vragen om een taxi, maar die blijkt er niet te zijn in het dorp. De hotelbaas regelt wel wat en zo komen we toch nog aan de Egyptische grens. Daar staat onze camper en de rest van het gezelschap al te wachten. Dat wachten zal nog even duren, want pas om half negen rijden we voorzien van Egyptische kentekenplaten de grens over op weg naar de overnachtingsplaats.

10 maart

Om 9 uur rijden we weg richting El Allamein. In konvooi met voorop een jeep met 4 militairen erin. 3 stops onderweg en om half vijf zijn we in El Allamein waar we overnachten bij het Duitse oorlogskerkhof. Vandaag 400 kilometer gereden. We bekijken het Duitse oorlogsmonument dat geïnspireerd is door Castel del Monte in Italië.

11 maart

We vertrekken weer vroeg en stoppen eerst bij het oorlogsmuseum. Een grote landkaart geeft de slag weer en verder staan er nog talrijke tanks uit de slag. Binnen ook veel foto”s en voorwerpen uit de oorlog. Dan verder naar het kerkhof van de Britten. Hier heb je een mooi uitzicht over het slagveld.


Dan de woestijn in. Op naar wadi natrun, waar enkele koptische kloosters staan. In het dorpje doen we wat boodschappen en daarna rijden we naar een van de kloosters. Het Klooster van Sint Bishoi. Een aardige monnik leidt ons rond en vertelt veel over het leven in het klooster. Het gebouw stamt uit de 4e eeuw en is in de 13e eeuw gerestaureerd. De oude kerk en de reliek van Bishoi trekt veel pelgrims. Een aantal monniken leeft in zijn cel net als trappisten en anderen werken. Elke morgen om 4 uur begint de mis die 3 uur duurt. Allen op zondag niet, dan is er voorafgaand aan de mis nog een lofprijzing van 3 uur.

12 maart

Voordat we weggaan eerst nog even een bezoekje aan de grote kerk. De mis voor de gelovigen is aan de gang, maar 3 uur is wat al te veel. We rijden nu naar Cairo. Een rit van iets meer dan 100 kilometer. Bij een groot winkelcentrum maken we een tussenstop en kan iedereen inslaan voor de komende dagen/weken. Dan op naar de camping. We staan in een buitenwijk van Cairo. De tocht naar de camping voert langs vieze kanaaltjes, half afgebouwde huizen. Dit is echt Afrika. Op deze camping kun je je was laten doen en veel mensen maken daar gebruik van. Eindelijk het beddengoed wassen en ondergoed van 2 weken. ’s Avonds met de bus naar een lichtshow bij de piramides. Kitsch, maar mooie kitsch.

13 maart

Dit wordt een volle dag. Om 9 uur staat de bus klaar. Eerst gaan we naar de piramides van Cheops en de Sfinx. We hebben alle tijd om te kijken.


Maar we hebben ze al zo vaak op foto’s gezien, dat het een beetje tegenvalt. Daarna naar een papyrusfabriekje. Er wordt uitleg gegeven over hoe papyrus wordt gemaakt en natuurlijk kun je kopen. Na de lunch naar het Egyptisch museum. De poging van de gids om hier te gidsen loopt in het honderd. Niet iedereen wil luisteren en in de drukte is hij ook niet goed te verstaan. Dan maar individueel het museum door. (is ook veel leuker) Natuurlijk eerst Toetanchamon. Prachtig is dat dodenmasker. Dat kun je met een foto niet overbrengen. Ook de sieraden zijn prachtig. Het museum is verder een stoffig geheel, waar heel veel staat, maar weinig wordt verteld. Om 7 uur zijn we terug op de camping. De was is klaar. Joke is jarig, dus die bellen we.

14 maart

Weer een hele dag op excursie. Eerst met de bus naar Thebe waar we Ramses II hebben bekeken. Dan door naar Saqqara. Dit is een enorm kerkhof van het oude Memphis. Nog maar recentelijk is men hier gaan graven. Eerst bezoeken we de piramide van Djoser. Rondom de piramide is een enorm afgebakend terrein. Een gedeelte van de eens 10 meter hoge muren is gerestaureerd en de versiering van slangenkoppen is daar nog te zien. De piramide zelf mag je niet in. We gaan wel in de piramide van Teti. Een lage smalle gang schuin omlaag en dan twee kleine kamertjes op het einde. Veel is er niet te zien. Dan de mastaba van Mereruka. Hierbinnen zijn nog mooie wandversieringen bewaard gebleven. Jammer dat de kleuren vervaagd zijn. Mooie taferelen met dieren en mensen zijn er in het enorme grafmonument. (meer dan 20 kamers) Dan op naar de “tapijtschool” . Volgens de gids is deze school bedoeld om kinderen een vak te leren en tevens scholing te geven.


Vier uur knopen met “feine Finger” en “s middags 4 uur les. In de parterre van het gebouw zitten kinderen van 6 tot tienerleeftijd op lage bankjes te knopen. Ik wil graag het klaslokaal zien en op mijn vraag zegt de eigenaar eerst dat die buiten is, de 4 uur les worden 2 uur les en dan is het lokaal ineens boven. We worden gedirigeerd naar de verkoopruimte waar een 20 tal mannen met de handen over elkaar staan te wachten op klanten. Ik wil nu toch echt dat lokaal zien. Het is op de 2e verdieping zegt de eigenaar, maar hij heeft nu geen tijd, hij moet eerst verkopen. Er wordt niets gekocht en een aantal groepsleden is wel nieuwsgierig naar de afloop van het verhaal. Ik loop naar de trap en vraag aan de man kan ik nu naar boven gaan om te kijken. Hij zegt nee, boven is privee. Dan is bij mij de maat vol en zeg hem dat hij een leugenaar is. Er is geen school en die kinderen werken hier gewoon een hele dag voor een klein loontje. Een antwoord heeft hij niet daarop. Dan de lunch op een schip in de Nijl en naar de citadel. Daar bekijken we de Mohammed Ali moskee. Een enorme moskee die er prachtig uitziet van binnen. Dan nog een volgend verkooppraatje in een parfumeriezaak en dan een bezoek aan de bazaar. Daar posten we onder politie-escorte onze kaarten naar Nederland. Uitgeteld komen we thuis.

15 maart

Een dagje rust. ’s Morgens nog een wasje doen en de camper van binnen en buiten opruimen en schoonmaken. Samen zijn we daar een paar uur mee zoet. Dan samen met een ander koppel in een taxi naar een internetcafé. We werken de site bij en beantwoorden de post. Dan zouden we naar het centrum gaan, maar de taxichauffeur brengt ons eerst naar een drankenwinkel(niet dus) en als we dan eindelijk in het centrum zijn is er nog amper 30 minuten over om wat rond te lopen. De verjaardag van Thea vieren we om 4 uur en om 5 uur komt er water. Een paard met kar en op die kar twee enorme tanks met water. Voor 10 dinar zit onze tank weer vol. ’s Avonds volgt een diner op een Nijlschip. Tijdens het eten vaart het een rondje op de Nijl. Het is een lopend buffet. Voor entertainment is gezorgd. Er is een groepje muzikanten en een heuse buikdanseres.

16 maart

Een lange reis vandaag. Naar de Oase Baharia. Eerst Cairo uit zien te komen en dat is een echte klus met dat hectische verkeer. Dan een mooie tocht door de woestijn. Hier is bijna geen verkeer. Tegen de avond komen we in Baharia aan en vinden we onze staanplaats. We eten in het restaurant van de camping. Voor 20 pond pp.

17 maart

Een excursie met jeeps door de woestijn. Dat is om 9 uur ’s morgens instappen en dan verschillende mooie plekken en uitzichtpunten in de woestijn bekijken. Eerst een tocht door de oase zelf tussen de dadelpalmen. We komen uit bij een zoutmeer. Prachtig ligt het daar. In het water krioelt het van de muggenlarven en er zitten dan ook veel vogels. Dan gaat het verder door de woestijn naar verschillende uitzichtpunten. Ten slotte belanden we bij een ruïne van een Engels huis (uitzichtpunt) uit de eerste wereldoorlog. Vandaar gaat het naar de plek waar we lunchen. Een warmwaterbron. Hier zou je kunnen zwemmen, maar het vergaat je de zin als je bak ziet waar het water inkomt. Een betonnen bak van 3 bij 10 meter met smerig water erin. We maken dan maar een wandeling in het palmenbos. De lunch is klaar als we terugkomen. Twee salades met brood. Eenvoudig, maar goed. Terug naar de camping en om half vijf opnieuw in de jeep voor een zonsondergang in de woestijn. Met zijn allen zitten op een groot zandduin en van daaraf kijken naar de ondergaande zon met een glaasje wijn erbij. Prachtig.

18 maart

Een prachtige tocht naar de witte woestijn. Eerst een stop in de zwarte woestijn. Over het gele zand ligt een laag zwart steengruis. Dan rijden we door naar de kristalberg. Een enorm stuk kwarts ligt aan het begin van de witte woestijn. Het kwarts zit verscholen in een enorme rots.


Het uitzicht vanaf hier is prachtig. We rijden verder door de woestijn en vanaf een gegeven moment is alles wit. Witte rotsformaties in de meest bizarre vormen. Daar rijden we een tweetal kilometer de woestijn in en slaan daar ons kamp op. We lezen een tijdje en tegen vijven beklimmen we een heuvel en vanaf daar kijken we uit over de woestijn en naar de zonsondergang. ’s Avonds een maaltijd bereidt door bedoeïenen en daarna maken ze muziek. Heel bijzonder. Een prachtige sterrenhemel staat boven ons en ik zie zelfs een vallende ster. De maan komt op en dan is het helemaal top.

19 maart

’s Morgens vroeg op om de zon te zien opgaan. Dan volgt een lange rit naar Dakhla. Een stopje om inkopen te doen. Via minstens 5 controleposten waar telkens op een stukje papier het nummerbord wordt genoteerd en door een steeds veranderend landschap komen we tegen 5 uur in Dakhla aan. We staan op een bedoeïenencamping, hutje aan mutje. Herman bakt voor ons een heerlijk brood. Het blijft lang warm, maar ’s nachts is het heerlijk koel.

20 maart

Een dagje rust. Maar er is toch een excursie. Met jeeps een stuk door de woestijn en bezoekjes aan de oases een maaltijd bij een bron en een bezoek aan het dorp Al Quasr. Het dorp is erg speciaal. De huizen zijn gebouwd van modderstenen en deels zijn de straten overdekt. Boven de deuren zijn houten balken waarin de naam van de oorspronkelijke eigenaar is uitgesneden. De koranschool is al gerestaureerd. Ik hoop dat dat voor de rest van het dorp ook volgt. De maaltijd in de oase is heel speciaal.


Op de grond ligt een groot kleed en daarop is in kleine schaaltjes al het eten uitgestald. Tonijnsalade, falafel, tomatensalade, brood (pannenkoeken) Toe een sinaasappel en een kopje thee. ’s Middags rust op de camping. ’s Avonds eten in het restaurant (25 pond pp) Uitgebreid eten is dat. De thee wordt geserveerd op het dak. De organisatie van de bedoeïenencamping is bezig met een website en speciaal daarvoor is er vanavond een bedoeïenenfeest. Er wordt muziek gemaakt gezongen en gedanst. We zitten met de hele groep rondom het vuur. Een spetterend feest.


21 maart

Om half negen vertrekken we naar Kharga. Zoals altijd zijn er onderweg weer diverse politiecontroles. Telkens worden de nummers van de kentekenplaten genoteerd. Zo kun je precies gevolgd worden in dit land. Bij de necropolis van Al Bagwat stoppen we voor de middagpauze. Dit is een oude koptische begraafplaats. Er staan een 100 tal tombes gemaakt van ongebakken kleistenen.


Vierkante huisjes met een koepeldak, daar lijken ze op. Een aantal koepels is aan de binnenzijde beschilderd met taferelen uit de bijbel. Niet te geloven dat de schilderingen dateren uit de 4e eeuw. Een oude dikke gids leidt ons rond. Puffend gaat hij ons voor. Dan naar de camping. We staan rondom een “zwembad” vol met bruin water. Daar bedanken we voor. Lezen en de site bijwerken is beter.

22 maart

Om half acht vertrekken we naar Luxor. Eerst om 7 uur zingen voor Jan (73). Dan dwars door de woestijn via 8 controleposten naar de camping. Daar komen we om 3 uur aan, De campingbaas ontvangt ons met open armen. We staan op een binnenplaats tussen de huizen. Gelukkig staan er ook wat bomen. Voor Egyptische begrippen goed sanitair. Dat is dus weer tijd voor een wasje. Het internetcafe is vlak bij en daar werken we de site bij. ’s Avonds een prachtig verzorgd diner op de camping.

23 maart

De hele dag een excursie. Eerst naar de tempel van Karnak. Hier lopen we 2 uur rond. Een overweldigend geheel. Vooral de tweede zuilengalerij met al die hoge zuilen is overweldigend. Perfect op lijn en dan die enorm grote hal. De gids geeft goede uitleg. Dan naar de tempel van Luxor. Die is iets kleiner maar heeft een mooie sfinxenallee. Voor de tempel staan grote standbeelden en er zijn nog 2 obelisken over.


Twee prachtige tempels. Lunch in het Sonesta hotel. Sjieke bedoening. Aan het einde van de middag is er voor de liefhebbers nog het museum van Luxor. Een verademing als je het vergelijkt met het Egyptisch museum in Cairo. Een mooie opstelling en mooie stukken. De beelden die pas gevonden zijn bij bij een van de tempels staan er ook. Ook van Tutanchamon staat er het een en ander. Bijvoorbeeld een strijdwagen. ’s Avonds een praatje bij Nol en El en een tosti eten bij Bep en Willem. Vroeg naar bed, want morgen om 5 uur moeten we weg.  

24 maart

Om half vijf eruit. Aankleden een beetje drinken en hup de bus in. Dan een overtochtje met een boot. Aan boord ontbijt (plakje cake met thee). Daarna in busjes en dan zijn we bij de plaats waar de luchtballonnen opstijgen. Als we aankomen rijden zien we ze al voor een gedeelte in de lucht hangen. Met 22 in een mand. Je merkt niet dat je omhoog gaat. Voor je het weet zit je al een heel eind boven de grond. We zweven over de suikerrietvelden en over de kolossen van Memnon en hebben een prachtig zicht op het dal der koningen en de tempel van Hatsjepsut. Na een groot uur staan we weer op de grond. Dan op naar het dal der koningen. In de schaduw (het is ’s morgens om half negen al bijna 40 graden) vertelt de gids zijn verhaal en dan kunnen we zelf 3 graven bekijken.


Wij kiezen voor het graf van Amenhotep II. Daarvoor moeten we een heel eind de rots in naar beneden via een trap. Dan het graf van Tuthmoses III. Dat is een hele klim, eerst omhoog over een berg en dan een heel eind omlaag via smalle trapjes. Dat valt niet mee als je dikke Amerikanen op je pad vindt. Het is ontzettend warm en vochtig in het graf. Als je weer buiten komt zeg je ha wat een fris weer. Dan het graf van Ramses III. Ook hier weer prachtige schilderingen op wanden en plafond. Daarna gaan we naar de tempel van Hatsepsut. Het is te warm om hier echt van te genieten. Na de lunch nog een albastwinkel.

25 maart

In konvooi vandaag naar Aswan. Dat betekent om 6 uur rijden en opstellen in een speciaal afgezette straat. Dan op je gemakje ontbijten en om 7 uur vertrekken we. Als gekken rijden we met een vaart van wel 70 kilometer dwars door Luxor achter de politie aan. Onderweg krijgen we toestemming om toch nog twee tempels te bekijken. Dat zijn in Edfu de Horustempel en in Kom Ombo de tweelingtempel van Sobek en Haroeris.


De tempel in Edfu is echt prachtig. Vooral de buitenste gang om het Heilige deel van de tempel is erg mooi. Het gevecht tussen Horus en Seth is hier uitgehouwen. De tempel in Kom Ombo is wat kleiner, maar van vorm erg mooi. In Aswan slapen we in een luxe 4 sterren hotel. Dat is wel wat anders dan een kleine camper. We gaan tegen zes uur eerst even de souk in en komen terug met een plastic mat om voor de camper te leggen. Daarna luxe dineren in het hotel.

26 maart

Weer vroeg uit de veren. Om 8 uur excursie, maar eerst genieten van een uitgebreid hotelontbijt. We gaan naar de plaats waar een onafgemaakte obelisk in een steengroeve ligt, dan naar de stuwdam en tenslotte naar Philae. Eigenlijk heeft dit eiland een andere naam, maar de tempel uit Philae staat hier.


Gered na de aanleg van het Nassermeer. Hier is dus een tempel gewijd aan Isis. Een prachtige plek en een mooie tempel. Als we bij het hotel terugkomen is het tijd om te eten. Dat doen we in de camper. Na een paar dagen uit eten is zelf eten klaar maken wel lekker. We hebben nog alle tijd om daarna in het hotel foto’s en film over te zetten. Om vier uur maken we een tocht over de Nijl met een felluca. Een zeilboot met een vierkant zeil. We varen rondom het eiland Elefantine.


Na twee uur klimmen we weer aan wal. Terwijl de rest de souk induikt, gaan we op ons gemak naar het Nubisch museum. Een modern museum in een modern gebouw. Hier wordt verteld over het gebied waar de Nubiers woonden en krijg je te zien hoe ze nu nog leven. Er staan een paar prachtige beelden uit de Faraotijd.

27 maart

t Na een uitgebreid ontbijt vertrekken we om 10 uur naar de plaats waar het konvooi wordt gevormd. Om 11 uur vertrekken we. Alle zijstraten en kruispunten zijn door soldaten of agenten afgezet en het konvooi kan zo met een pittige snelheid de stad uitrijden. Vooral bussen en minibussen maken onderdeel uit van het konvooi. Die rijden met snelheden van over de 100 km. Dat doen wij natuurlijk niet. Als John om een uur stopt voor een rustpauze is dat dan ook tegen het zere been van de escorte. Wij moeten de afstand in een ruk afleggen en geen pauzes houden. Geen sprake van dus. Wij houden een uur pauze. Voor de meeste chauffeurs is dat hard nodig. Wij zijn de jonkies en hebben al moeite om niet in slaap te vallen. Bij aankomst in Abu Simbel eerst tanken en dan in het gehucht de dagelijkse portie brood, groenten en fruit halen. We staan op de parkeerplaats tegenover het tempelcomplex aan het Nassermeer. Er staat een stevige wind. Een in Cairo gekocht pak spinazie blijkt bij ontdooien geen spinazie maar molokai te zijn. Het ziet eruit als snot en het smaakt ook zo. Zo’n slijmerig spul heb ik nog nooit gezien. Het lijkt wel behangplaksel.

28 maart

Vannacht heeft het gestormd en moest Vincent eruit om de luifel in te klappen en de ramen te sluiten. Een echte zandstorm. Je kon geen twee meter ver kijken. Om 10 uur vertrekken we naar het tempelcomplex. De touristenbussen zijn vanmorgen tussen 7 en 8 aangekomen en zijn nu weer terug naar Aswan en het is weer rustig. We lopen langs de zijkant van het complex en plotseling zie je dan de tempel van al die plaatjes. Indrukwekkender dan ik gedacht had.


Als je voor het geheel staat zie je niet dat achter de façade eigenlijk een skelet van beton zit waar alle tempelonderdelen weer netjes tegen aan geplakt zijn. In de tempel mooie voorstellingen uitgehouwen in de wand. Natuurlijk weer door een haag van souvenirwinkeltjes terug. In de camper lekker uitrusten. Morgen weer terug naar Aswan.

29 maart

En weer in konvooi onder politiebegeleiding terug. Het begint bijna routine te worden, maar iedereen zal blij zijn als het over is. Terug in het hotel gaan we rustig een wasje doen en wat werken aan de film.

30 maart

N aar Luxor in konvooi. De campingeigenaar wacht ons om half twee op met een grote pan soep. Dat gaat er wel in. Heerlijke soep. We bezoeken het internetcafé weer en halen geld uit de muur om alvast de overtocht naar Jordanië te betalen. De technische ploeg staat klaar om onze luifel te repareren en verder gezellig wat kletsen en lezen. Tegen 5 uur komt er nog een groep campers aan. Van Perestroika en met Duitse grundlichkeit worden de campers, die allemaal een nummer hebben, op hun vaste plaats gezet. De Reiseleiter staat apart. Wat een verschil met de Nederlandse werkwijze. ’s Avonds is er een diner, van veel mindere kwaliteit dan een week geleden, en folklore. Of wat daar voor door gaat. Een nogal hoerige buikdanseres en een elektronisch orgeltje. Maar Aat en Herman zijn onder de indruk.

31 maart

In konvooi naar Port Safaga. We zijn er al om half 1. Lekker luieren in de zon. Verder stelt het stadje niet zoveel voor. Er liggen wat dure jachten in de haven en zoals in de meeste Egyptische stadjes aan zee veel halfafgebouwde vakantiecomplexen. Een bezoekje aan de drogist leert dat inlegkruisjes hier van goud moeten zijn. 100 pond voor 2 pakjes betekent dus 15 euro. Dat komt volgens hem omdat het import is. De vraag naar Egyptisch alternatief levert dan 3 pakjes voor 45 pond op.

1 april

Een rustdag. Een groot gedeelte van de groep gaat snorkelen maar wij gaan niet mee. Er is tijd om lekker te kletsen bij Thea, Hilly en Amber. En we beginnen alvast aan de film. Het onderdeel oude monumenten in Egypte komt af. Alleen het commentaar nog er onder zetten. ’s Avonds eten we uitstekend in het restaurant van de camping. Dat uit eten gaan kost hier echt bijna niets. Voor 110 pond eet je met zijn tweeën inclusief koffie en drinken bij het eten. (Natuurlijk geen alcohol) En dan is het van goede kwaliteit.

2 april

Vandaag staat ons een rit te wachten van 200 kilometer naar het Koptische klooster van Sint Paul. We rijden de hele tijd langs de kust van de golf van Suez en draaien dan voor de laatste 15 kilometer het land in. Het klooster is het oudste nog bestaande klooster van de Christelijke wereld.


Een monnik leidt ons rond in het oude gedeelte van het klooster. We zien de oude refter en de oude keuken. Ook de grot waar Sint Paul ligt begraven. We worden uitgenodigd op de thee en gebruiken met zijn allen koffie of thee in het gastenverblijf. Ze verbouwen hier druiven en ze maken hun eigen miswijn. Dat kunnen we niet laten liggen en we nemen 4 flessen mee voor de kinderen. We overnachten voor de kloosterpoort. Wat een stilte en geen roeptoeters.

3 april

Na een aubade aan drie jarigen (EL, Fred en Emmy) vertrekken we rond half negen richting Suez. Daar moet een trekhaak verwisseld worden en zo komt het dat we pas tegen half zes aankomen bij de Hamam Faraoun. Een warmwaterbron aan de kust. We staan aan het strand en de zonsondergang is echt super. We zijn vandaag het Suezkanaal onderdoor gegaan en nu rijden we aan de rand van de Sinai. Tot nu toe is het maar een saaie eentonige streek. En ook hier weer veel onafgebouwde huizen en hotels en veel zwerfvuil. In de oases en in Zuid Egypte hebben we dat niet gezien.


4 april

En weer verder naar het zuidelijkste puntje van de Sinai. Het Ras Mohammed Nationaal Park. Een schiereiland met rondom koraalriffen. Het ligt in de buurt van Sharm El Sheik. We staan weer vlak bij het water met in de verste verte geen sterveling te vinden. Dit is echt een mooie camperplaats. Op weg hiernaar toe zijn we langs de Mozesbron gekomen. Geen bron waar en gebedsplaats is, maar hier hebben ze er een zwembad van gemaakt. Ook een manier natuurlijk. De auto van Aiko is inmiddels gemaakt in Sharm. Bep heeft nog steeds een pijnlijke arm na haar val bij het Koptische klooster.

5 april

We maken een korte rit en gaan naar Dahab. Dit is een kleine badplaats waar veel buitenlanders wonen en werken. Het heeft een westerse uitstraling. De “camping”waar we aankomen is een verschrikkelijke vuilnisbelt, maar na tussenkomst van John is het snel geregeld en staan we binnen in het complex. Bep is intussen naar het ziekenhuis geweest en heeft dus toch een gebroken arm. We doen inkopen in Dahab en ’s avonds heerlijk eten bij Friends. Een prachtig opgemaakte visschotel.

6 april

Hilly en Amber komen afscheid nemen en wij rijden door naar het dorp. Nog even de laatste boodschappen doen en internetten en dan door naar het Grieks Orthodoxe Katharinaklooster. Het is een schitterende rit dwars door de Sinaï. We staan weer vrij op de parkeerplaats aan de voet van het klooster. Een aantal van ons gaat vannacht (2.30 uur) de berg Sinaï op.

7 april

Een zwarte dag. Bij de beklimming van de berg is onze oudste reisgenoot Piet Nobel gestorven aan een hartaanval. Wij waren erg vroeg op om bij zonsopgang de berg een eind op te gaan. Na een half uurtje zagen we in de verte Philip en zijn honden. Wij zwaaien en filmen, maar toen we bij hem aankwamen vertelde hij wat er was gebeurd.


Tijdens het klimmen zei Piet dat hij erg moe was en nam toen een kameel. Na een paar honderd meter kon de kameel niet verder, omdat de trap naar de top begon. Daar is Piet na een paar treden gaan zitten en weggezakt. Reanimatie van Philip, Ingrid en Fred heeft niet mogen baten. Op een witte kameel is hij naar beneden gebracht tot bij het klooster. Vincent is met de rouwstoet meegegaan en bij het klooster aangekomen is hij met John gaan vragen of ze het lichaam even in het klooster mochten leggen. Maar dat mocht niet. Het lichaam is toen gewoon op straat gelegd. Met een ambulance is Piet naar de 1e hulppost in het dorp gebracht. John, Rinie en Annie zijn met de camper naar de post gegaan. De groep was verslagen. Er is veel gepraat en samen hebben we met een soort viering onder leiding van Peter afscheid genomen van Piet. Ingrid en ik hadden bij een grote steen een plekje gevonden waar een boodschap op de rots kon worden geschreven. Daar kon ieder zijn steen of boodschap bij leggen. Daarna zijn we rustig verdergegaan naar de volgende halte Nuweiba. De camper van Piet is door een van de groepsleden meegenomen. ’s Avonds een emotioneel samenzijn met Annie .

8 april

De hele dag op de camping. Er is deze dag heel veel gepraat. Annie is door de leiding naar het vliegveld gebracht en kan naar huis. De groep is aangeslagen en de emoties worden verwerkt door praten en poetsen. Iedereen is druk bezig met wassen en de camper schoonmaken. ‘s Avonds is er een diner en nemen we afscheid van Egypte en Piet.

9 april

Een heerlijk ontbijt in het hotel en om 10 uur staan we aan de haven van Nuweiba te wachten tot we Egypte uit mogen. Nou dat heeft wel even geduurd voor we op de boot naar Aqaba zaten. Om 7 uur ’s avonds vertrokken we. Een redelijk vlotte overtocht. De klok gaat 1 uur vooruit en na de Jordanese douane staan we om half vier ‘s nachts op de camping bij Aqaba. Op weg naar de camping start de auto niet en Nol helpt met startkabels.





footer for Romans  page


Geloof + macht = oorlog
Parallellen tussen nu en de oudheid

advertentie Hekate
Nu ook als E-book verkrijgbaar bij Amazon